Vooruitgang in radiotherapie bij gynaecologische kanker: nieuwe behandelingen en lopende studies.

17-03-2025 18:04

 

 

 

 

Bij de behandeling van gynaecologische kanker worden bestraling en chemotherapie steeds nauwkeuriger en effectiever. Klinische studies verbeteren behandelmethoden continu, waardoor patiënten minder bijwerkingen ervaren en behandelingen beter aansluiten op hun specifieke situatie. Radiotherapeut-oncoloog Jeltsje Cnossen lichtte de belangrijkste ontwikkelingen toe tijdens de jaarlijkse themadag van radiotherapie in het Catharina Ziekenhuis, waar ongeveer 80 specialisten uit het hele land kennis deelden over de zorg bij gynaecologische kankers.

 

“In de afgelopen jaren is er een verschuiving ontstaan naar behandelingen die steeds beter worden afgestemd op individuele patiënten. Waar we vroeger grote patiëntengroepen op dezelfde manier behandelden, kunnen we nu veel meer op maat werken”, zegt Cnossen. “Dankzij nieuwe inzichten in tumoreigenschappen en biomarkers kunnen we steeds beter voorspellen welke therapie bij wie het beste aanslaat.”

 

 

Lopende studies spelen hierbij een cruciale rol. Enkele van de belangrijkste onderzoeken in Nederland en internationaal:

 

EMBRACE-studies: Onderzoekt hoe uitwendige en inwendige bestraling bij baarmoederhalskanker geoptimaliseerd kan worden. “Hier verwachten we binnenkort belangrijke resultaten van”, aldus Cnossen.

 

EMBRAVE-studies: Richt zich op chemoradiotherapie bij vaginakanker. “Dit is een vergelijkbare aanpak als bij baarmoederhalskanker, en we hopen dat het net zo effectief is.”

 

GROINSS-V-studies: Onderzoekt of bij schaamlipkanker een lymfeklieroperatie vervangen kan worden door chemoradiotherapie. “Dit zou veel bijwerkingen, zoals lymfoedeem (ophoping van lymfevocht, red.), kunnen verminderen”, legt Cnossen uit.

 

VULCANize-studies: Kijkt naar behandelingen voor schaamlipkanker waarbij directe operatie niet mogelijk is. “Sommige tumoren kunnen door chemotherapie verkleind worden, waardoor een minder ingrijpende operatie mogelijk wordt.”

 

RAINBO-studies: Onderzoekt hoe moleculaire diagnostiek bij baarmoederkanker kan helpen bij het kiezen van de beste nabehandeling. “We kunnen hierdoor veel gerichter bepalen of iemand chemotherapie, immunotherapie of bestraling nodig heeft.”

 

PORTEC-studies: De PORTEC-studies zijn een reeks Nederlandse klinische onderzoeken die zich richten op de behandeling van baarmoederkanker. Onderzoekt of een individuele ‘behandeling op maat’, gebaseerd op het moleculaire risicoprofiel van de tumor, kan leiden tot minder inwendige bestraling zonder verlies van effectiviteit.

 

 

Minder bijwerkingen, hogere kwaliteit van leven:


De precisie van radiotherapie is de afgelopen jaren sterk verbeterd. “Waar we vroeger een veel groter gebied bestraalden, kunnen we dat nu heel gericht doen”, zegt Cnossen. “Dit zorgt ervoor dat gezonde organen minder schade oplopen en patiënten minder last hebben van bijwerkingen.”

 

 

Gerichter bestralen zorgt ervoor dat gezonde organen minder schade oplopen.

 
 
 
 
Met name bij ingrijpende operaties, zoals bij schaamlipkanker, kan een combinatie van chemotherapie en radiotherapie helpen om een grote operatie te voorkomen. “Een operatie kan enorme gevolgen hebben voor het dagelijks leven. Bijvoorbeeld op het gebied van seksualiteit en het welzijn van de patiënt”, zegt Cnossen. “Als we met radiotherapie hetzelfde resultaat kunnen bereiken, kunnen we patiënten leed besparen.”
 
 
 

Uitdagingen in onderzoek: samenwerking essentieel:

Omdat sommige gynaecologische kankers zeldzaam zijn, is het lastig om grote patiëntgroepen te vinden voor onderzoek. “Bij veelvoorkomende vormen, zoals baarmoederkanker, lukt dat nog wel. Maar bij bijvoorbeeld schaamlipkanker hebben we niet genoeg patiënten in Nederland om een grootschalige studie uit te voeren”, aldus Cnossen. “Daarom werken we internationaal samen en verzamelen we data uit meerdere ziekenhuizen. Of doen we het met het aantal patiënten dat we hebben. Een kleinere groep wil niet zeggen dat je geen gedegen onderzoek kunt doen.”

 

De komende jaren zal de behandeling van gynaecologische kanker nog verder gepersonaliseerd worden. “We gaan steeds beter begrijpen welke tumoren goed reageren op bepaalde therapieën, waardoor we behandelingen nog gerichter kunnen inzetten”, voorspelt Cnossen. “Het doel is altijd om de kans op genezing zo groot mogelijk te maken, met zo min mogelijk bijwerkingen.”
 
 
 

Het doel is altijd om de kans op genezing zo groot mogelijk te maken, met zo min mogelijk bijwerkingen.

 
 
De vooruitgang in radiotherapie biedt hoop voor de toekomst. “Elke studie brengt ons een stap verder. We kunnen patiënten nu al beter behandelen dan een paar jaar geleden, en die ontwikkeling blijft gelukkig doorgaan.”
 

 

Alle presentaties van de themadag radiotherapie kun je hier terugvinden: Themadag Radiotherapie bij gynaecologische tumoren – Catharina Ziekenhuis

 

 

Foto: Radiotherapeut Jeltsje Cnossen.

 

 

 

 

 

Bron: www.catharinaziekenhuis.nl